Start:
programma 2010 - 2014

1


 

Voorwoord

Het gezegde luidt: “De jeugd heeft de toekomst”, maar “toekomst” betekent ook ouder worden. Het Algemeen Ouderen Verbond (A.O.V.) vindt, dat ieder mens in elke levensfase recht heeft op kwaliteit van leven! Vandaag is de start voor morgen. Daarom is het A.O.V. in het algemeen een partij voor iedereen en in het bijzonder een partij voor de vaak vergeten ouderen. “Vaak vergeten” omdat de belangen van ouderen niet afdoende worden behartigd. Terwijl de basis voor een prettig leefklimaat in de stad, een goed sociaal evenwicht is. Het A.O.V. vormt haar visie op basis van de lokale vraag.

Beleid op hoofdlijnen gevormd door te luisteren naar jong en oud, ondernemer en werknemer. Geen algemeen (landelijk) partijbeleid, maar beleid afstemmen en zonodig bijstellen op de lokale behoefte en ontwikkeling. Dat is nu eenmaal de kracht van een lokale partij!

Het A.O.V. werd in 1993 landelijk opgericht, volgend vanuit een brede vraag vanuit de samenleving om de belangen van ouderen weer evenredig op de politieke agenda te krijgen. Om ook op lokaal niveau meer voor ouderen in de samenleving te kunnen doen, werd begin 1994 A.O.V. Vlaardingen opgericht. In 2009 bestond A.O.V. Vlaardingen

alweer 15 jaar en hoewel een enkeling ons probeert te bestempelen als “one-issue” partij, is het gelukkig bij een zeer brede groep zichtbaar, dat het A.O.V. zich op vele beleidsterreinen hard maakt voor de belangen van de Vlaardingse inwoners en ondernemers in het algemeen en in het bijzonder voor ouderen.

Het A.O.V. probeert daar waar mogelijk, op politiek gebied, obstakels weg te nemen en vormt haar beleidsvisie altijd op basis van de vraag vanuit de Vlaardingse samenleving. Ook bij de uitwerking van door de landelijke overheid opgelegd beleid, staat bij het A.O.V. de Vlaardingse inwoner en ondernemer centraal. Middels directe vertegenwoordiging in de Gemeenteraad wil het A.O.V. zich hiervoor ook in de Raadsperiode 2010 – 2014 weer graag inzetten. Het A.O.V. meent, dat het beste leefklimaat voor iedereen pas wordt bereikt, als we er samen, jong en oud, iets van maken.

Trots op wat zichtbaar en minder zichtbaar door het A.O.V. voor u is bereikt, dankt het A.O.V. u voor het in ons gestelde vertrouwen, dat mede blijkt uit ons snel groeiende ledental. Door uw steun ziet het A.O.V. Vlaardingen de Gemeenteraadsverkiezingen van 3 maart 2010 met vertrouwen tegemoet. Wat het A.O.V. verder graag voor u realiseert en welke standpunten het A.O.V. inneemt ten aanzien van diverse belangrijke beleidsonderwerpen, wordt per onderwerp uiteengezet in de hierna volgende hoofdstukken. Realisatie van dit alles kan het A.O.V. echter niet zonder uw inbreng, uw hulp maar bovenal niet zonder uw stem. Vandaag is de start voor morgen, dus laat het A.O.V. u helpen, uw Vlaardingen weer een goed en veilig leefklimaat te geven en stem lijst 8, Algemeen Ouderen Verbond.

Wim van Klink

Fractievoorzitter A.O.V. afdeling Vlaardingen

 

 



INHOUD

1. BURGER EN BESTUUR

1.1. Bestuur en politiek

1.2. Ambtelijke organisatie

1.3. Dienstverlening

1.4. Dualisme en nieuwe werkwijze

1.5. Burgerparticipatie

2. OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID

2.1. Veiligheid

2.2. Handhaving

2.3. Cameratoezicht

2.4. Politie en lichtblauwe brigade

3. RUIMTELIJKE ORDENING EN VOLKSHUISVESTING

3.1. Wonen

3.2. Buitenruimte

3.3. Starters

3.4. Doorstromen

3.5. Minder validen en gehandicapten

3.6. Senioren

3.7. Kantoorpanden

3.8. Particuliere initiatieven

3.9. Winkels en wonen

4. VERKEER

4.1. Bereikbaarheid

4.2. Verkeersplan op wijkniveau

4.3. Parkeren

4.4. Fietsers en Voetgangers

4.5. Onderhoud wegen, voet- en fietspaden

4.6. Mobiliteit

4.7. Openbaar Vervoer

4.8. Aanleg A4

4.9. Vervoer over water

5. ECONOMIE WERK & INKOMEN

5.1. Economische structuur en ondernemen

5.2. Werkgelegenheid

5.3. Armoedebestrijding

5.4. Milieu

6. ZORG & WELZIJN

6.1. Bereikbaarheid en bekendheid voorzieningen

6.2. Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO)

6.3. Huisartsen Onder Eén Dak (HOED)

6.4. Eerste Hulp & Poliklinische Voorziening

6.5. Wachttijden

6.6. Welzijnsactiviteiten

7. ONDERWIJS

7.1. Wijkschool / Brede school

7.2. Aanbod

7.3. Schoolverzuim

7.4. Veilige school

7.5. Buitenschoolse opvang

8. JEUGD & JONGEREN

8.1. Algemeen

8.2. Jeugdzorg

8.3. Voorzieningen

8.4. Voorlichting

9. SENIOREN

9.1. Ouderenbeleid

9.2. Zorgvoorzieningen

9.3. Huisvesting

9.4. WMO

10. SPORT & RECREATIE

10.1. Wijkvoorzieningen

10.2. Topsport bevordert breedtesport

10.3. Buitenbad

10.4. Recreatie & Toerisme

11. FINANCEEL

11.1. Gemeente financiën

11.2. Lokale lasten

11.3. Subsidiebeleid


1. BURGER EN BESTUUR

1.1. Bestuur en politiek

Een goed bestuur begint met transparantie en dat betekent niet een ongewenst duur glazen stadhuis. Nee, bestuurders zijn gekozen door en werken voor de inwoners en ondernemers van de stad. Dat betekent voor het A.O.V. dat beleidsvisies moeten worden gevormd op basis van de vraag vanuit de samenleving.

 

1.2. Ambtelijke organisatie

Het A.O.V. meent dat ook de ambtelijke organisatie transparant en toegankelijk haar taken moet kunnen uitvoeren. Bestuursbesluiten dienen dit nooit in de weg staan en dienen niet te conflicteren met wat inwoners en ondernemers van de ambtelijke organisatie mogen verwachten. Hier ligt tevens een grote verantwoordelijkheid van de gemeenteraad met haar controlerende taak. Het A.O.V. is voorstander van het terugbrengen van de 32-urige naar een 36-urige werkweek. Tevens kan de ambtelijke organisatie, vooral door natuurlijke afvloeiing, inkrimpen. Wel vindt het A.O.V. dat binnen de ambtelijke organisatie goed gekeken moet worden naar kwaliteit en capaciteit, wat een aanzienlijke besparing op de inhuur van externen oplevert.

1.3. Dienstverlening

Hoewel de afdeling publiekszaken de afgelopen jaren een aanzienlijke kwaliteitsslag heeft gemaakt, vindt het A.O.V. verbetering op de dienstverlening, zoals bijvoorbeeld de opvolging van meldingen aan de buitenlijn, noodzakelijk.

 

1.4. Dualisme en nieuwe werkwijze

De invoering van bestuurlijke vernieuwingen zoals het dualisme en de in 2005 ingevoerde “Nieuwe Werkwijze voor de Raad” bieden aan lokale bestuurders de mogelijkheid hun bestuursverantwoordelijkheid te nemen vanuit een vindingrijke, initiërende en flexibele instelling. Verouderde bestuursconstructies, die doelmatige ontplooiing in de weg stonden, zijn veranderd in bestuursvormen die een kans van slagen bieden tot het oplossen van niet acceptabele maatschappelijke problemen, mits ze correct worden toegepast. Alleen dan heeft voorgestaan beleid om daadwerkelijk een bijdrage te leveren aan de verbetering van het leefklimaat binnen de samenleving en tevens te werken aan goede, hoognodige voorwaarden voor een gunstige ontwikkeling van bedrijfsleven en dienstverlenende sector, een kans van slagen.

1.5. Burgerparticipatie

Bij het vormen van een visie voor te voeren overheidsbeleid op elk terrein is volgens het A.O.V. participatie van belanghebbenden een eerste vereiste. Belanghebbenden zijn bijvoorbeeld bewoners als het gaat om woningbeleid, ondernemers waar het gaat om infrastructuur, zorg- en welzijnsinstellingen waar het de zorg betreft en zo meer. Niet praten óver, maar mét belanghebbenden op elk niveau en van daaruit op democratische wijze beleid creëren. Door in een zo vroeg mogelijke stadium, inwoners, ondernemers en instellingen echt bij planontwikkeling te betrekken, wordt een breed draagvlak bereikt en kan stagnatie in de uitvoering worden beperkt.

 

 


2. OPENBARE ORDE EN VEILIGHEID

2.1. Veiligheid

Het beleidsthema veiligheid is op nagenoeg alle maatschappelijke onderwerpen van toepassing. Om er enkele te noemen, denk aan de veiligheid op straat, op scholen, bestaande en nieuw te bouwen woningen en bedrijfsruimten, openbare verlichting, verkeer, kwaliteit van wegen / voet- en fietspaden, openbaar vervoer, luchtkwaliteit openbare ruimten en zo nog voorbeelden te over. Het A.O.V. vindt dat de mate waarin de gemeentelijke overheid haar verantwoordelijkheid neemt waar het de veiligheid van haar ingezetenen betreft, dient te worden aangescherpt. Ook de inzet van middelen ter bevordering van veiligheid (bijvoorbeeld cameratoezicht en beschikbaarheid van surveillance) worden op dit moment niet maximaal ingezet. Het A.O.V. is voorstander van versterking van ons politieapparaat, zowel in kwaliteit als in kwantiteit. Deels natuurlijk de verantwoording vanuit de landelijke overheid, maar de lokale overheden kunnen het belang en de noodzaak wel sterker onder de aandacht brengen. Strengere controle (ook preventief) door politie en brandweer is een mogelijkheid een verhoogde veiligheid te kunnen garanderen.

2.2. Handhaving

Nog zoveel Wet- en Regelgeving kan voorhanden zijn, maar zonder handhaving hierop is het effect nihil. Overtredingen dienen ter plaatse te worden bestraft (lik op stuk beleid). Het A.O.V. is wel van mening dat de gemeente dient te investeren in beschikbare capaciteit, wanneer door handhaving op lokale beleidsnota’s, naast het handhaven op Wetgeving, de werkdruk bij politie verhoogt.

2.3. Cameratoezicht

Het A.O.V. is voorstander van het invoeren van cameratoezicht, ter ondersteuning van de politie die steeds minder middelen krijgt, terwijl steeds meer nodig is. Met name op plaatsen waar de openbare veiligheid het kwetsbaarst is, heeft cameratoezicht een toegevoegde waarde. Uit de praktijk is niet alleen gebleken dat cameratoezicht het veiligheidsgevoel verhoogd, maar dat het ook preventief goed werkt en dat meer delicten worden opgelost, waardoor herhaling kan worden voorkomen.

2.4. Politie en lichtblauwe brigade

Door de bezuinigingen vanuit de landelijke overheid, komt op lokaal niveau het politiewerk onder druk te staan. Als lokale overheid moet je afwegen of investeren in politie en lichtblauwe brigade nodig is, om veiligheid optimaal te kunnen waarborgen. Ondersteuning door een lichtblauwe brigade geeft alleen dan een verhoogde veiligheid, wanneer de brigade vanuit de gemeente gestructureerd wordt getraind, politiecapaciteit voor opvolging van meldingen is gegarandeerd en wanneer aan de bezetting van beschikbare plaatsen wordt voldaan.


3. RUIMTELIJKE ORDENING EN VOLKSHUISVESTING

3.1. Wonen

Omliggende gemeenten hebben de afgelopen jaren grote investeringen gedaan in herstructurering. In Vlaardingen heeft dit lang op zich laten wachten, waardoor een inhaalslag nodig is. Door het momenteel niet voorzien in een veelzijdig woningaanbod zijn veel Vlaardingers woonruimte gaan zoeken buiten de Vlaardingse grenzen. Dit is een slechte ontwikkeling en mede reden, dat voorzien in duurdere woningen noodzaak is geworden. Het A.O.V. onderschrijft op hoofdlijnen het actieplan wonen. Wanneer een evenwichtige doorstroming door veelzijdig woningaanbod wordt bereikt, komt dit tevens de huidige vraag naar woningen voor starters ten goede. Wel meent het A.O.V. dat bij de afweging saneren of renoveren niet uitsluitend de sociale structuur, maar vooral de kwaliteit van bestaande woningbouw de doorslaggevende factor moet zijn. Bij de uitvoering van een beleidsplan zoals het actieplan wonen, met een zeer grote impact op de samenleving, dient bovendien de hoogst mogelijke zorgvuldigheid te worden betracht richting belanghebbenden. Het gaat niet om objecten, maar om iemands thuis. Ook blijven voorzien in sociale woningbouw is voor Vlaardingen een vereiste, echter het A.O.V. meent wel dat het aanbod passend moet zijn binnen de regio en dat Vlaardingen niet onevenredig de dupe dient te worden van herstructurering in de regio.

3.2. Buitenruimte

Bij herstructurering is ook (her-)inrichting van buitenruimte een belangrijk aandachtspunt. Naast prettig kunnen wonen, zijn ook bereikbaarheid, ruime parkeergelegenheid, speelruimte, groen, voorzieningen (winkelcentra, scholen, zorgaanbod), belangrijk voor een prettig woon- en leefklimaat in de wijk. Zo vindt het A.O.V. het een gemiste kans dat de gemeente in de planvorming van locatie Buizengat, niet heeft voorzien in een onderwijsvoorziening.

3.3. Starters

Veel woningen zijn voor starters met een modaal inkomen te duur. Hoewel er wel in de vorm van subsidies veel wordt gedaan om huisvesting voor starters bereikbaar te maken, dient de haalbare koopprijs voor deze groep wel aandachtspunt te zijn in het actieplan wonen. Ook in de huursector moet goed gekeken worden naar de bereikbaarheid van huisvesting voor de starters. Daarbij is ook de kwaliteit en ruimtevraag vanzelfsprekend een aandachtspunt.

3.4. Doorstromen

Voor behoud van doorstromers in het midden- en hogere inkomenssegment is het voorzien in duurdere nieuwbouwwoningen noodzaak voor Vlaardingen. Een gezonde stad vraagt om een gezonde sociale structuur, omdat alleen dan het leefklimaat voor iedereen gewaarborgd blijft.

3.5. Minder validen en gehandicapten

Ook zijn extra inspanningen nodig zijn, zodat minder validen en gehandicapten zo zelfstandig mogelijk kunnen leven en kunnen deelnemen aan alle aspecten van het maatschappelijke leven. Voorzieningen dienen hierop te worden aangepast. De aanpassing van woningen en de woonomgeving evenals het volledig toegankelijk maken van openbare voorzieningen hebben hierbij de eerste prioriteit.

3.6. Senioren

Het A.O.V. heeft zich altijd hard gemaakt voor het levensloopbestendig wonen, ofwel zolang als gewenst in de eigen woning kunnen blijven wonen. Gelukkig is hierin de afgelopen jaren al veel geïnvesteerd. Verder dient, naar de mening van het A.O.V., bij nieuwbouw een percentage te moeten worden vastgesteld voor de bouw van 55+ woningen, levensloopbestendige woningen en zorgwoningen, koop en huur. Dus niet alleen voorzien in een ouderenboulevard, maar ook voorzien in senioren en zorgwoningen in de wijken, voor een breed aanbod in ouderdaghuisvesting.

3.7. Kantoorpanden

Het A.O.V. pleit al jaren voor de aanpak van leegstand van kantoor- en bedrijfspanden. Inspanningen leveren om nieuwe ondernemers aan te trekken is een eerste vereiste, maar ook kan worden bekeken of panden, bijvoorbeeld qua locatie, geschikt zijn om ze als woonruimte in gebruik te kunnen nemen.

3.8. Particuliere initiatieven


Het A.O.V. vindt ruimte voor eventuele particuliere initiatieven van belang. Vlaardingen kent enkele van deze succesvolle initiatieven en meer van deze initiatieven zijn goed voor de stad. Ook is het A.O.V. voorstander van het vanuit de gemeente bieden van mogelijkheden voor kwaliteitsverbetering van het bestaand particulier woningbezit.

3.9. Winkels en wonen

Wanneer boven winkels gelegen ruimten weer als woonruimte worden ingericht, wordt het straatbeeld weer leefbaar en gezellig. Wanneer bijvoorbeeld de Hoogstraat een opwaardering krijgt, waardoor grote winkelunits terug worden gebracht naar hun oorspronkelijk formaat, de grote reclameborden weer kleiner en sierlijker worden, zal de Hoogstraat weer tot leven komen. Een aanmoedigingsbeleid om kleine ondernemers, met knusse snuffelwinkeltjes, aan te trekken zich hier te vestigen, te midden van kleine open ateliers, zal een toegevoegde waarde opleveren aan het stadshart.


4. VERKEER

4.1. Bereikbaarheid

Het op peil houden van het gemeentelijke verkeersplan is nodig. Bijvoorbeeld om economische groei te stimuleren, maar ook om wijken, voorzieningen, recreatiegebieden en winkelcentra goed en binnen een acceptabel tijdspad te kunnen bereiken, zowel met openbaar als met eigen vervoer.

4.2. Verkeersplan op wijkniveau

Het A.O.V. is voorstander van het in samenspraak met bewoners (wijkplatforms) per wijk een gewenst parkeerplan te ontwikkelen. Tegengaan van sluiproutes, behoud van goede ontsluiting van de wijk, verkeersbeperkende maatregelen kunnen een aantal onderwerpen zijn, op basis waarvan op wijkniveau verkeersplannen worden ontwikkeld voor en door bewoners.

4.3. Parkeren

Het A.O.V. heeft zich fel verzet tegen de invoer van de huidige parkeernota. Parkeerbeleid dat niet gewenst is door de inwoners en ondernemers van Vlaardingen. Niet in de eerste plaats vanwege de tarieven, maar vooral omdat de parkeernota niet voorziet in gewenste oplossingen en zeker niet sociaal te noemen is. Mensen met een kleine beurs, dreigen door deze nota in een isolement te raken, omdat parkeren voor bezoekers onbetaalbaar wordt en deze vaker wegblijven. Omdat starters langer thuis wonen en de leeftijd bereiken waarop zij auto rijden, wordt ook deze groep ten onrechte onevenredig op kosten gejaagd.

4.4. Fietsers en Voetgangers

Verkeerslichten voor fietsers en voetgangers staan vaak erg lang op rood en erg kort op groen. Ter bevordering van de verkeersveiligheid van deze kwetsbare groepen verkeersdeelnemers zou dit beter moeten worden afgesteld. In algemeen belang vindt het A.O.V. dit gewenst rondom winkel- en voorzieningencentra, maar in het bijzonder is dit nodig op plaatsen waar veel kinderen deelnemen aan het verkeer (bij scholen, speelplaatsen) en op plaatsen waar ouderen en mindervaliden oversteken (rondom seniorenhuisvesting en zorginstellingen). Sowieso moet naar de veiligheid van loop- en fietsroutes gekeken worden, met name op eerder genoemde, kwetsbare locaties. Verder vindt het A.O.V. dat meer voorzien moet worden in (bewaakte) fietsenstallingen rondom winkelcentra en voorzieningencentra.

4.5. Onderhoud wegen, voet- en fietspaden

Al onder veiligheid genoemd is de noodzaak van goed onderhoud van wegen, voet- en fietspaden. Het A.O.V. vindt dat hieraan in Vlaardingen veel moet verbeteren. Denk aan de aanpak van de vele kuilen in de wegen, vooral in woonwijken, losliggende trottoirtegels en de brede ruimte tussen tegels van fietspaden waar men eenvoudigweg met een wiel in kan rijden en ten val zou komen.

4.6. Mobiliteit

Veilige verkeersdeelname is voor iedereen belangrijk. Extra aandacht verdient de toegankelijkheid voor verkeersdeelname met bijvoorbeeld (elektrische) rolstoelen, scootmobielen en rollators te verbeteren.

4.7. Openbaar Vervoer

Het A.O.V. vindt dat openbaar vervoer toegankelijk en bereikbaar moet zijn voor iedereen. In het bijzonder heeft het A.O.V. zich hard gemaakt om voor ouderen te voorzien in gratis openbaar vervoer. Het invoeren van de proef die momenteel in de gemeente Rotterdam van kracht is, binnen Schiedam en Vlaardingen kan naar de mening van het A.O.V. niet snel genoeg gebeuren. Mobiliteit van ouderen is ten aanzien van het behoud van zelfstandigheid absolute noodzaak.

4.8. Aanleg A4

Het A.O.V. is voorstander van de aanleg van de A4. De aanleg zal de doorstroming van verkeer rondom Vlaardingen verbeteren. Daarnaast biedt de aanleg kansen op economische groei en dus meer werkgelegenheid omdat Vlaardingen door de betere bereikbaarheid een aantrekkelijker vestigingsklimaat voor bedrijven biedt. Investeren in een goede lokale infrastructuur is hierbij wel van belang. Ook milieuvraagstukken moeten bij planontwikkelingen aandachtspunt zijn.

4.9. Vervoer over water

Het A.O.V. is voorstander van meer personenvervoer over water. Op lokaal niveau dient te worden nagegaan, of dit door een stimuleringssubsidie breder bereikbaar wordt.


5. ECONOMIE WERK & INKOMEN

5.1. Economische structuur en ondernemen


Voor het behouden van gevestigde ondernemers en het aantrekken van nieuwe bedrijven moet de economische structuur in Vlaardingen worden versterkt. Investeren in bereikbaarheid / infrastructuur, in bedrijventerreinen en in het havengebied / Rivierzone. Daarnaast vindt het A.O.V. dat wanneer gevestigde Vlaardingse ondernemers willen uitbreiden en investeren de gemeente hieraan prioriteit moet geven. Verder dient de gemeente zich meer actief te tonen bij het aantrekken van nieuwe bedrijven die mogelijk geïnteresseerd zijn zich in Vlaardingen te vestigen. Naast de werkgelegenheid die dit oplevert, ontstaat een Positief neveneffect omdat de huidige leegstand van kantoor- en bedrijfspanden wordt teruggedrongen. Naast investeren in bedrijventerreinen, is ook investeren in alle winkelcentra in de stad noodzaak. Ook hier pakt de gemeente te gering de huidige en dreigende leegstand van winkelpanden aan. Voor een aantrekkelijke binnenstad en wijkwinkelcentra is stimuleringsbeleid nodig waar het gaat om de diversiteit van het winkelaanbod. Gemeentebeleid versterking van de economische structuur in Vlaardingen dient wel altijd ontwikkelt te worden in samenspraak met en niet buiten ondernemers om.

5.2. Werkgelegenheid

Wanneer onder meer door onder paragraaf 5.1 genoemde een beter economisch klimaat wordt gecreëerd, levert dit Vlaardingen meer werkgelegenheid op. Hoewel voorzien in werkgelegenheid op elk opleidingsniveau gewenst is, dient nieuw aan te trekken werkgelegenheid wel zoveel mogelijk te worden afgestemd op de lokale vraag van werkzoekenden. Voor wat betreft het deelnemen van minder validen en gehandicapten aan het arbeidsproces vindt het A.O.V. dat extra inspanning hiervoor door de lokale overheid en het bedrijfsleven gezamenlijk moet worden verricht.

5.3. Armoedebestrijding

Het A.O.V. vindt dat de bekendheid van voorzieningen moet worden vergroot. De bekendheid van inkomensondersteunende voorzieningen is vaak niet bekend, waardoor onnodig problemen kunnen ontstaan. Ook de bekendheid van de formulierenbrigade, die hierin goed kan ondersteunen moet worden verbeterd.

5.4. Milieu

Wat betreft de fijn stof problematiek en de luchtkwaliteit is het A.O.V. van mening dat zoveel mogelijk moet worden gedaan ten gunste van het milieu. Waar bijvoorbeeld wegen verdiept, ondertunnelt kunnen worden aangelegd met goede filterinstallaties, verdient dit een overweging. Ook bedrijven dienen milieubewust met hun productieprocessen om te gaan. Wel vindt het A.O.V. dat economische groei niet onevenredig mag worden belemmerd door milieuwetgeving.


6. ZORG & WELZIJN

6.1. Bereikbaarheid en bekendheid voorzieningen

Het A.O.V. vindt het de taak van de overheid, te zorgen dat beschikbare voorzieningen zo breed mogelijk bekend zijn. Kwetsbare groepen, worden te weinig bereikt. Signalering door bijvoorbeeld huisartsen, zorg- en welzijnsinstellingen kan vanuit een regierol door de gemeente worden gestimuleerd.

6.2. Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO)

Om zo lang als gewenst in de eigen woning, in een vertrouwde omgeving te kunnen blijven wonen, dient meer geïnvesteerd te worden in zorg aan huis. De gemeente kan hier, bijvoorbeeld uit de WMO, voor een deel in bijdragen. In elk geval kan de gemeente haar regierol aanscherpen, om door derden efficiënt te voorzien in nodige voorzieningen (aansluitpunten scootmobielen bij woningen en winkels, voorzien in gratis openbaar vervoer, het verbeteren van overige vervoersvoorzieningen (teletaxi). Door de invoering van de WMO wordt steeds meer aanspraak gemaakt op het persoonsgebonden budget om de benodigde zorg in te kopen. Daar waar ten gevolge van de WMO financiële problemen ontstaan, moet worden ondersteund vanuit gemeentelijke middelen. Het A.O.V. is daarom van mening, dat overschotten op de WMO gelden alleen voor WMO gerelateerde voorzieningen mogen worden aangewend.

6.3. Huisartsen Onder Eén Dak (HOED)

Gezondheidsinstellingen zijn klantgerichter gaan werken en het blijft belangrijk de vertaalslag naar de politiek te maken, als het gaat om de specifieke wensen en behoeften van verschillende groepen in de samenleving (gezinnen, ouderen, mindervaliden en/of gehandicapten). Het A.O.V. is kritisch op dit gebied en geeft de voorkeur aan kleinschalige, goed toegankelijke en klantvriendelijke gezondheidszorg. Daarom is voorzien in meer “HOED-en” (Huisartsen Onder Eén Dak) dringend gewenst.

6.4. Eerste Hulp & Poliklinische Voorziening

Het ontbreken van een eerstehulppost in Vlaardingen is een gemis. Een gemeente van circa 70.000 inwoners behoort toch zeker een eerstehulppost te hebben. Natuurlijk voorziet het Vlietland ziekenhuis in een brede behoefte. De bereikbaarheid vormt echter voor sommigen (waaronder ouderen, minder validen en gehandicapten) een probleem.

6.5. Wachttijden

De wachttijden voor verpleeg en/of zorgtehuizen zijn nog altijd te lang, terwijl ouderen die niet meer zelfstandig kunnen wonen zo snel mogelijk terecht moeten kunnen. Het A.O.V vindt het onacceptabel dat echtparen die soms 45 jaar getrouwd zijn, gescheiden moeten wonen wanneer één van de partners zorg nodig heeft. Het A.O.V. zich ter voorkoming hiervan, hier hard voor gemaakt bij de ouderennota en het actieplan wonen.

6.6. Welzijnsactiviteiten

Investeren in welzijnsactiviteiten, betaalbaar gebruiksvriendelijk voorzien in een diversiteit van activiteiten en ontmoetingsmogelijkheden voor jong en oud in elke wijk.


7. ONDERWIJS

7.1. Wijkschool / Brede school

Het A.O.V. is groot voorstander van één geconcentreerde wijkschool. Het concept van de brede school, met veel activiteiten onder één dak stimuleert niet alleen de jeugd maar ook de ouders, waardoor de betrokkenheid wordt vergroot. Zo wordt een goede structuur met voldoende toekomst perspectief bereikt. Daarbij meent het A.O.V. wel dat stimulatie vanuit de gemeente tot het doceren van een brede algemene kennis van groot belang is. Algemene schoolprojecten krijgen een grotere kans van slagen, wanneer de leerling een brede algemene basiskennis heeft.

7.2. Aanbod


Het onderwijsaanbod in Vlaardingen is te gering als het gaat om beroepsopleidingen. Wanneer leerlingen geen gebruik willen maken van het VMBO, maar een gerichte, bijvoorbeeld technische opleiding willen volgen, moet al op jonge leeftijd worden uitgeweken naar onderwijsinstellingen in de regio Rotterdam. Het A.O.V. vindt dat de gemeente dit in samenspraak met onderwijsinstellingen en leerlingen zou moeten aanpakken ter verbetering van het aanbod. In een vervolgfase zou zelfs bekeken kunnen worden of het voorzien in Hoger Beroeps Onderwijs in Vlaardingen haalbaar is.

7.3. Schoolverzuim

Hoewel schoolverzuim adequaat wordt aangepakt blijft dit, evenals het vroegtijdig verlaten van de school, wat mogelijk leidt tot toenemende werkloosheid en criminaliteit een punt van zorg. Het AOV is van mening, dat in die gevallen, waar de grote inspanningen die door gemeente en onderwijsinstelling worden geleverd, geen positief resultaat opleveren, de wettelijke maatregelen, welke hiervoor ten dienste voorhanden zijn, dienen te worden aangewend.

7.4. Veilige school

Het A.O.V. maakt zich zorgen over de veiligheid op de scholen. Brand- en ontruimingsoefeningen worden slecht of niet gehouden. E.H.B.O.’ers en of Bedrijfshulpverleners zijn er veel te weinig. Hoewel dit in eerste instantie een taak is van de arbeidsinspectie, is het A.O.V. wel van mening, dat verantwoordelijkheid in deze door de gemeente niet kan worden afgeschoven. Ook aan de luchtkwaliteit in klaslokalen moet door de gemeente prioriteit en sturing worden gegeven.

7.5. Buitenschoolse opvang

Het A.O.V. vindt dat buitenschoolse opvang los moet staan van onderwijsinstellingen. Het gaat om opvang in de vrije tijd, wat zoveel betekent als dat leerkrachten hierbij niet betrokken hoeven te zijn. Voor instellingen die deze vorm van opvang bieden zou vanuit de gemeente een extra exploitatie subsidie mogelijk moeten worden gemaakt. Verder meent het A.O.V. dat wijkgericht specifieke buitenschoolse opvang voor tieners gerealiseerd zou moeten worden, met eveneens de nadruk op buitenschools. Hier kunnen voor de groep leerlingen van 12 tot 16 jaar activiteiten worden ontplooit op het gebied van sport en cultuur.


8. JEUGD & JONGEREN

8.1. Algemeen

Jeugd en jongeren belangen zijn onderdeel in elk beleidsonderwerp, dat spreekt voor zich. Als het gaat om zorg, onderwijs, speelruimte, verkeer en veiligheid, zijn jeugd en jongeren belangen mede aandachtspunt. Binnen de gemeente worden veel activiteiten ontplooid voor deze groep in de samenleving en dit gebeurt gelukkig steeds meer in samenspraak met en niet alleen over de jeugd en jongeren.

8.2. Jeugdzorg

De zogeheten “vaste lasten” zijn voor iedereen sterk gestegen. Deze trend trekt ook een grote wissel op het besteedbare inkomen van gezinnen. Het A.O.V. meent dat de gemeente hier sterk haar verantwoordelijkheid moet nemen, waar het gaat om het informeren, het bekendmaken van voorzieningen die helpen te voorkomen dat kinderen zich om financiële redenen niet zouden kunnen ontplooien of kunnen meedoen in de maatschappij. Qua zorg specifiek geënt op de jeugd, is er in de afgelopen tijd veel beleid ontwikkeld, mede vanuit de Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Zo is er hard gewerkt aan een centrum ter ondersteuning van Jeugd & Gezin. Ook hier moet echter de gemeente zorgen dat de samenwerking tussen de verschillende jeugdgerichte organisaties bestaat, zodat zij elkaar in het belang van het kind kunnen versterken en niet langs elkaar heen werken.

8.3. Voorzieningen


Hoewel de afgelopen jaren in samenwerking met derden (o.a. Woningcorporaties) is gewerkt aan het voorzien in speelplaatsen voor de jongste jeugd, vindt het A.O.V. dat er in de buitenruimte voor kinderen nog steeds te weinig ruimte beschikbaar is. Hier dient de komende jaren een inhaalslag te worden gepleegd met ondersteuning vanuit gemeentelijke middelen. Ook voor “oudere” jongeren zijn er naar de mening van het A.O.V. nog te weinig voorzieningen. Zij vragen een plek in de buitenruimte, waar ze zonder overlast te veroorzaken, kunnen samenkomen. Jongeren uit alle wijken hebben voor hun wijk daar vaak heel goede ideeën voor (straatsportvoorzieningen, mobiele ontmoetingsplekken) en de gemeente zou met deze jongeren, die wellicht benaderd kunnen worden via onderwijsinstellingen, wijkcentra of platforms, samen beleid moeten maken, specifiek geënt op deze groep.

8.4. Voorlichting

De afgelopen jaren zijn de schadelijke effecten van alcoholge-/misbruik onder jongeren ontegenzeggelijk in kaart gebracht. Het A.O.V. is van mening dat dit in de eerste plaats een verantwoordelijkheid is van de opvoeders. Maar vanzelfsprekend heeft de gemeente in samenspraak met onderwijsinstellingen, politie, jeugdzorg, winkeliers en horeca de plicht om een preventief gericht beleid hierop te voeren. Het A.O.V. vindt dit overigens gelden voor de algehele verslavingsproblematiek. De aanpak van het SUSteam en ook het zogeheten weekendarrangement geven positieve resultaten op dit gebied en dienen te worden voortgezet.


9. SENIOREN

9.1. Ouderenbeleid

In de Vlaardingen worden ouderen in de politiek “de zilveren kracht” genoemd. Voor het A.O.V. zijn ouderen goud waard. Als enige partij heeft het A.O.V. geparticipeerd in het tot stand komen van de gemeentelijke kadernota senioren. De niet van het A.O.V. overgenomen adviezen en aanbevelingen werden ook opgemerkt door de WMOAdviesraad en werden vervolgens alsnog onderdeel van de nota. Het A.O.V. heeft er ook voor gepleit, een Seniorenraad samen te stellen, met vertegenwoordiging uit alle geledingen van de bevolking, met onder meer als doel, in samenspraak met Vlaardingse senioren tot een wenselijke detail uitwerking van de kadernota senioren te komen. De Seniorenraad kan vanuit de praktijk de obstakels aangeven waarmee ouderen in Vlaardingen worden geconfronteerd en waar beleid op maat nodig is. Bij dit beleid moet worden uitgegaan van de positie van ouderen in alle mogelijke aspecten van het leven van ouderen, waarbij een positieve benadering dient te worden gehanteerd ten aanzien van ouder worden. Het A.O.V. maakt zich er dan ook sterk voor, dat ouderenbeleid leidt tot een op elkaar afgestemd, aan- en toepasbaar aanbod van zorgverlening daar waar nodig, binnen een van te voren duidelijk te stellen kader. Het A.O.V. vindt dat de inspraak van ouderen serieus moet worden genomen en door de gemeente dient te worden geactiveerd. Ouderenbelangenorganisaties zouden, bij elk besluit dat deze groep in de samenleving betreft, automatisch moeten worden uitgenodigd. Middels inloop spreekuren in diverse zorgcentra die het A.O.V. organiseert, biedt het A.O.V. ouderen de mogelijkheid aan te geven, waar de politiek aandacht voor moet hebben. Daar waar gericht beleid vanuit de gemeente nodig is, zal het A.O.V. zich sterk maken voor aanwending van de middelen daartoe.

9.2. Zorgvoorzieningen

Het A.O.V. legt steeds de prioriteit op inzichtelijkheid en klantvriendelijke behandeling, waarbij de zogenoemde “één loket functie” bijdraagt aan het kunnen voorzien in zorg op maat, want naast zorgverleners en zorgverzekeraars, moeten ook ouderen, als belangrijke groep afnemers van zorg, in staat worden gesteld zelf een bijdrage te leveren aan het verkrijgen van zorg op maat. Ouderen zijn immers zelfstandige, mondige en ook kritische burgers, die een respectvolle bejegening verdienen. Verder is het A.O.V. voor goede zorgverlening via ouderenzorg, ook ten tijde van vakantieperiodes. Ofwel de kwaliteit en kwantiteit van thuiszorg dient altijd op peil te blijven, zonodig door inzet van gemeentelijke middelen.

9.3. Huisvesting

Veel ouderen willen in hun eigen, vertrouwde wijk blijven wonen, ook wanneer de gezondheid achteruitgaat. Het A.O.V. is van mening, dat dit voor ouderen en minder validen mogelijk kan worden gemaakt, door bijvoorbeeld te voorzien in betaalbare benedenwoningen dan wel levensbestendige woningen. Stimulering van doorstroming vanuit eengezinswoningen of grotere flatwoningen naar kleinere huisvesting moet mogelijk zijn, maar mag nóóit een dwingend karakter hebben.

9.4. WMO

Daar waar ouderen, als grote groep afnemers van zorg, ten gevolge van de WMO in financiële problemen geraken, dient de gemeente te ondersteunen vanuit gemeentelijke middelen. Het A.O.V. is daarom van mening, dat overschotten op de WMO gelden alleen voor WMO gerelateerde voorzieningen mogen worden aangewend.


10. SPORT & RECREATIE

10.1. Wijkvoorzieningen

Het A.O.V. vindt dat sport voor iedereen, jongeren, volwassen, ouderen en gehandicapten, toegankelijk moet zijn en is mede daarom groot voorstander van het behoud van sportvoorzieningen voor alle leeftijden in de wijken. Naast het belang van deelname aan sport door zoveel mogelijk jongeren, dienen er voor de groter worden groep ouderen op korte termijn veel inspanningen moeten worden verricht, zodat voldoende wordt voorzien in sport en recreatievoorzieningen. Het A.O.V. is absoluut tegenstander van door de gemeente opgelegde gedwongen fusies tussen sportverenigingen, maar ook tegen het verdwijnen van sportverenigingen uit de wijken. Ook het aanleggen van meer kunstgrasvelden stuit het AOV tegen de borst. Het spelen van voetbal op kunstgras verpest het voetbal en leidt tot meer blessures bij de beoefenaars. Voetbal dient gespeeld te worden op echt gras, en niet op rubber. Ter bevordering van de intergratie acht het AOV het van belang, dat allochtone jongeren participeren in bestaande sportverenigingen.

10.2. Topsport bevordert breedtesport

Vlaardingen kent menig topsporter en het is van belang dat uitblinkers binnen hun gemeente de mogelijkheden krijgen tot het beoefenen van topsport. Accommodaties dienen op zorgvuldige wijze te worden aangewend, zonodig te worden uitgebreid, zodat velen gebruik kunnen maken van deze vorm van ontspanning door inspanning. Mogelijk kunnen dan ook topsport evenementen in Vlaardingen plaatshebben, wat naast dat het motiverend werkt om breedtesport te beoefenen, ook als positief neveneffect heeft op de toeristische naamsbekendheid.

10.3. Buitenbad


Het A.O.V. is voorstander van het voorzien in een buitenbad. Hoewel qua locatie in eerste instantie aan zwembad de Kulk wordt gedacht, meent het A.O.V. dat ook andere locaties voor een buitenbad zeer geschikt kunnen zijn. Bijvoorbeeld rond sportcentrum Polderpoort, waarbij uitbreiding met meerdere faciliteiten tot de mogelijkheid behoort. Mede ten gevolge van de blauwalgen problematiek in de Krabbenplas en de nog in onderzoek zijnde betaalbare oplossingsmethodieken, is voorzien in een buitenbad op korte termijn noodzakelijk. Bovendien is de locatie Krabbenplas niet voor iedereen even bereikbaar of toegankelijk en is ook een veilige bereikbaarheid niet afdoende gewaarborgd. Investeren in betere verlichting en toezicht vindt het A.O.V. noodzaak.

10.4. Recreatie & Toerisme

De afgelopen jaren is er veel geïnvesteerd toeristische trekpleisters. Behoud van de archeologische kunstschatten, veel groenonderhoud en voorzieningen rondom het water, een gerenoveerd theater met een divers aanbod en zo nog meer. Aandachtspunt vindt het A.O.V. de stagnatie in voorgenomen investeringen in het visserijmuseum, waar een groot deel van de rijke geschiedenis van Vlaardingen toegankelijk is voor een breed publiek. Het A.O.V. vindt dat kunst en cultuur bereikbaar en toegankelijk moet zijn voor iedereen. Ook zal het A.O.V. zich blijven inzetten voor het behoud van historische bouwwerken, tenzij deze geen enkele mogelijkheid meer bieden, functioneel te zijn in de hedendaagse tijd.


11. FINANCEEL

11.1. Gemeente financiën

Vlaardingen verdient het beste en met hoge ambities is dus niets mis, mits verantwoorde financiële afwegingen en keuzes worden gemaakt. Reële voorcalculaties en goede risico analyses dienen gemaakt te worden bij grote projecten in de stad. Dit gebeurt nu te weinig en de werkelijke kosten overschrijden nagenoeg altijd de ramingen. Bij het maken van keuzes dienen noodzaak en prioriteit zware weegfactoren te zijn, dus het nodige (inwoners- en ondernemers belang) voor het aangename (paradepaardjes).

11.2. Lokale lasten


De lokale lasten zijn in Vlaardingen relatief hoog en het A.O.V. wil dat deze worden verlaagd. Gemeentelijke belastingen zijn niet bedoeld om “de gaten” te vullen. Verder vindt het A.O.V. dat financiële meevallers die Vlaardingen ten deel vallen, in elk geval deels naar de belastingbetaler moet terugvloeien en deels voor het algemeen belang moet worden aangewend. Gemeentelijke lasten dienen niet alleen voor gemeenten budgettair neutraal te zijn.

11.3. Subsidiebeleid

Het A.O.V. is voorstander van een regelmatige, goede verantwoording van verstrekte subsidies. Omdat subsidies slechts daarvoor mogen worden aangewend waarvoor ze zijn verstrekt, dient elke te subsidiëren instantie vooraf een behoorlijk subsidieplan in te dienen, dat kritisch moet worden geëvalueerd. Het A.O.V. is van mening dat slechts wanneer verstrekking van subsidies een zeer grote groep burgers in al hun geledingen ten goede komt, deze gegrond is. Ook de wijze van aanwenden van door de gemeente zelf verkregen subsidies dient transparanter te zijn. Het dient voor iedereen die daar belang aan hecht inzichtelijk te zijn hoe gemeenschapsgelden door de overheid worden aangewend. Om na te kunnen gaan of verstrekte subsidies efficiënt en doeltreffend aangewend zijn, is het A.O.V. voor invoering van een strengere controle. Ten onrechte ontvangen subsidies dienen teruggestort te worden in de Gemeentekas. De Afdeling Gemeentefinanciën dient te kunnen aantonen, middels streng en doelmatig beleid, dat geen enkele doelgroep binnen de Gemeente gedupeerd wordt door gekozen gemeentelijk beleid.